Gedachten in december – nachten van een vader

Het mocht weer december worden, de donkere maand van het jaar. Onze decembermaand, gedenkmaand. Het is nacht, een donkere nacht. Onze ogen staren in de duisternis. In plaats van slapen, waken, klaar wakker. Niet meer kunnen slapen. De gedachten buitelen over elkaar. Gisteravond gelezen n.a.v. ons dagboek, 2 Samuël 23, enkele van de laatste woorden van David, de man naar Gods hart, die aan het einde van zijn leven gekomen is. “De God Israëls heeft gezegd, de Rotssteen Israëls heeft tot mij gesproken: Er zal zijn een Heerser over de mensen, een Rechtvaardige, een Heerser in de vreze Gods. En Hij zal zijn gelijk het licht des morgens, wanneer de zon opgaat …” Het getuigenis van een stervende koning, Gods kind en knecht. Hij mag profeteren van de komende Christus, de Zaligmaker. Dat zijn de eerste gedachten als we een poosje in het donker staren. Zijn komst is het toch, die ons heil volmaken kan.

De gedachten vermenigvuldigen. Op enkele dagen na werd 44 jaar geleden ons eerste kind geboren. We waren nog jong. Net nog geen jaar getrouwd. In een donkere nacht midden in december. Vanwege de sneeuwstorm konden we niet meer naar het ziekenhuis. Het was een zware bevalling. Een grote zoon van ruim 8 pond mochten we uit Gods hand ontvangen. Ook een eerste kleinzoon, een stamhouder. Er werden nog 3 van de 7 kinderen in december geboren. Een maand van veel gedenken en veel gedachten. Ook nu weer. Altijd druk en intensief zo kort voor Kerst en Oud en Nieuw. Acht jaar geleden was onze oudste ziek, griep? Wat was er toch, met die grote sterke man? Na enkele weken kwam van de dokter de boodschap: acute leukemie. Een zwaar jaar volgde. Zorgen, geloof en hoop. Chemokuren, een donor, stamceltransplantatie, afstoting. Maar hij mocht erdoor komen. Hij knapte wat op, hoewel het moeizaam was. Ging weer eens naar school, ontmoeting met collega’s. Een avond gemeenteraad, ze toegesproken; ‘Wat de toekomst brenge moge, mij geleidt des Heeren hand’. Hoe gaat het met u? Kon thuis heel weinig. In december zag het moederoog scherp. Gaat het wel goed? Er waren weer dezelfde tekenen als vorig jaar. De dokter zag ook iets: een scherpe boog in de grafiek, niet meer 100% donor. Hij zag dat niet graag. Zullen we nog een punctie doen. Nee, liever weer niet, ja, toch maar wel. Tijdens de Kerstdagen met de familie thuis. Tranen in de ogen. ‘Ik denk dat dit mijn laatste Kerst op aarde is’. Nog wel naar de kerk, ook met oud en nieuw. In januari belt de arts: ‘De leukemie is helemaal terug’. Het werden nog 19 dagen. Toen stierf hij.

In december komt het alles weer in gedachten. Vooral in de nachten. Al die gedenkdagen, die verjaardagen. Wat doen we ermee? Ja, toch maar gedenken, al is het met tranen. Ook zijn geboortedag. Ook die van de andere kinderen. Het is het waard om te gedenken. Kerst komt eraan. Het Licht is opgegaan. Psalm 98 komt in gedachten: “Hij heeft gedacht aan Zijn genade, Zijn trouw aan Israël nooit gekrenkt” Omdat Hij een waarmaker is van zijn Woord en beloften. Gesproken door David op zijn sterfbed. De laatste gedachte voor we weer naar bed gaan, vertoeven bij Johannes in Openbaring 21: “En God zal alle tranen van hun ogen afwissen …. want aldaar zal geen nacht zijn”. Om met de oude Simeon toch te mogen zingen in de donkere decembernacht:

Een licht, zo groot, zo schoon,

Gedaald van ’s hemels troon,

Straalt volk bij volk in d’ ogen;

Terwijl ’t het blind gezicht

Van ’t heidendom verlicht,

En Isrel zal verhogen.

Jan van Ooijen

0 reacties op "Gedachten in december – nachten van een vader":

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *