Felle regenbuien, de wind die raast en suist en elk takje laat bewegen, dansende blaadjes, luchten in somber grijs. Soms een dapper zonnetje en prachtig zacht oktoberlicht. Niets is zo veranderlijk als het weer, zeker deze dagen, met storm Benjamin net achter de rug. De herfst is zeker niet mijn lievelingsseizoen, en ik mopper er best veel op. Toch houd ik er stiekem ook wel van, en dan het meest van deze maand; als de zomer nog naar kort geleden is, de natuur de mooiste kleuren heeft én ik jarig ben. Deze week is het weer zover, mijn verjaardag. En altijd als het zover is, moet ik denken aan diezelfde dag jaren geleden: de dag dat ik achttien werd. 

Het was midden in mijn vierde behandeling. Mijn verjaardag viel op zondag. De vrijdag ervoor moest ik op de dagbehandeling van het Sophia Kinderziekenhuis zijn, en de dag na mijn verjaardag opnieuw. Maar op mijn verjaardag zelf zou ik volgens de planning van het protocol thuis zijn. Die vrijdag stond er veel op het programma: een beenmergpunctie onder narcose, een antibiotica-infuus, een bloedtransfusie, een zakje trombo’s en een CT-scan. Al om acht uur waren mijn moeder en ik in het ziekenhuis. Wachtend op het telefoontje van de operatiekamer, zocht ik Pinterest af naar de perfecte verjaardagstaart. Werd het een soesjestaart, kwark of monchou? Toen eindelijk de telefoon op de balie  rinkelde en het vertrouwde ‘Willemarijn mag naar boven’ over de zaal klonk, had ik mijn keuze gemaakt: het werd witte chocoladetaart met framboos. 

Weer terug

Na de narcose moesten we nog uren wachten voor alles erin zat en de infuuspomp eindelijk voor de laatste keer alarm gaf.  Om 9 uur waren we thuis. Maar niet voor lang, want op zaterdagavond kreeg ik koorts. We belden en gingen terug naar het ziekenhuis, waar ik opgenomen werd. Mijn achttiende verjaardag zou ik niet thuis vieren… Ik weet niet precies meer hoe dat voelde, al geloof ik dat ik redelijk snel geschakeld heb. Dat leer je op den duur. Wat moet dat moet.

Overspoeld met appjes

Nadat er medicatie was gestart, gingen mijn ouders terug naar boord. Gelukkig lag het schip in Rotterdam, vlakbij het ziekenhuis. ’s Nachts had ik een vraag en drukte op de bel. Na even wachten kwam de verpleegkundige binnen, in schort en met een mondkapje voor. Tot mijn grote verrassing was het één van mijn lievelingsverpleegkundigen die al vaak voor me had gezorgd. Ondanks de quarantaine-regels gaf ze me een dikke knuffel. De volgende dag kwam ik erachter dat ze tijdens de nachtdienst mijn deur had versierd en posters had opgehangen op de rest van de afdeling, met mijn foto en de mededeling dat ik jarig was. Iedereen wist het en veel mensen kwamen langs om me te feliciteren. Alleen de man van het lab had niets door. Hij ontdekte het pas toen hij al een vingerprik had gedaan en bij zijn vertrek bijna een trosje ballonnen tussen de deur liet klappen.

Mijn zus kwam al vroeg en hing de slingers op, waardoor de kamer er feestelijk uitzag. Na de kerk kwamen ook mijn ouders en broer, met taart, waar ik tussen vlagen van misselijkheid door van genoot. ’s Middags kwam er nog meer bezoek. En de hele dag, en de dagen erna, werd ik overspoeld met appjes, kaarten en cadeautjes. Die dag was er zoveel liefde en plezier, zoveel om van te genieten. Ik werd achttien in het ziekenhuis en.. het was de mooiste verjaardag ooit.

Veranderlijk

Niets is zo veranderlijk als het weer, zeggen ze. En dat klopt bijna. Niet is zo veranderlijk als het (herfst)weer, behalve het leven zelf. Soms heb je zo’n dag dat je plannen onverwachts in duigen vallen, dat alles tegen zit. Dan komt de regen met bakken uit de lucht en is alles even grijs en kil. Maar het kan zomaar zijn dat de dag erna een beetje lichter is. Dat een voorzichtig streepje zonlicht door de ramen van je hart naar binnen valt en je even laat genieten van iets kleins. Of dat het een stralende dag wordt, die je je negen jaar later nog steeds herinnert.

Willemarijn (1998) is onderwijsassistent in een taalklas. Ze is gek op koffie, kleur en taal en schrijft regelmatig over haar ervaring met kanker. Op haar zevende kreeg ze leukemie (ALL), daarna volgde vijf keer een recidief. De laatste behandeling was in 2019.