Hij kwam de gang uit bij de kerkredactie.
Ik uit de directievleugel.
Bij de toiletten ontmoetten we elkaar.
Hij soms hangend aan en schommelend tussen het kozijn van de tussendeuren.
Dan vroeg hij mij: hoe is het?
Waarop ik antwoordde: het gaat goed, maar kan beter.
Dan is het goed, antwoordde hij.
We wisten dat wat God doet goed is.
Tot op die mistige ochtend…
Op weg van huis naar ons kantoor reed hij tegen de vangrail en overleed.
Onze gesprekken hadden een ondertoon die ons een band gaf.
We verlangden beiden naar hetzelfde: een beter Vaderland.
Kort daarvoor had hij mij geïnterviewd over mijn ziekte en behandelperiode.
Toen hij werd begraven, gingen vrijwel alle collega’s naar zijn begrafenis.
Ik bleef achter, wilde dat zelf, want iemand moest de bezorging van de krant bewaken.
De impact van zijn sterven in de periode kort op mijn intensieve behandelingen was té groot.
Toen ik bij zijn kist afscheid nam, kwam mij voor de geest: zijn mond is gestopt, ik leef nog!
Wat er door mij heenging, de verwarring in mijn gevoelens en gedachten, zijn moeilijk te verwoorden.
Vervreemd van het leven op aarde en mijn omgeving beleefde ik zijn sterven en begraven.
Hoe krijg ik zijn plotselinge dood en mijn ‘opstaan uit de dood’ bij elkaar?
Hij leefde met God, was een levend getuige en een goede redacteur, al kon hij het zelf niet bezien.
Iets ouder dan ik, op slag overleden, geen ziekbed, geen afscheid.
Zijn leven en de impact van zijn sterven, heeft mij mede gedreven te leven om te getuigen.
Getuigen van wat God mij door Woord en Geest en in levenslessen leert: het is goed, in alles wat God doet.
De gedachte die bij mij opkomt dat, al is het goed, toch beter kan, houdt de begeerte levend.
Hier op aarde blijft het een tranendal. Hier blijft het allerbeste toch moeite en verdriet.
De bitterheid van het leven wekt (bij de gelovige) het verlangen naar de hemel.
En jij bent Mijn getuige!
“Heb Ik het u niet bevolen? Wees sterk en heb goeden moed, verschrik niet en ontzet u niet; want de HEERE uw God is met u alom waar gij heen gaat” – Jozua 1 vers 9
Henk-Jan Koetsier
Het getuigen van de Evangelie boodschap dat er dé Troost(er) is bij kanker dreef mij een contactdag te organiseren. Op 27 maart 2010 was de eerste contactdag wat uitmondde in de oprichting van Stichting Winstuitverlies op 3 september 2010, nu15 jaar geleden. Dankt God in alles!