Enthousiast vertelde ik als 6-jarige aan tafel, wat we op school aan het knutselen waren. Mijn moeder zei: maak je dat voor vaderdag? Ik herinnerde me dat de juf dat woord genoemd had, maar ik kende de betekenis niet, ik zei nooit ‘vader’. Moeder vertelde dat het een kadootje voor papa werd. Ik schrok: nu had ik een geheimpje verraden! Maar vader glimlachte en zei: ik heb niets gezien dus het is nog steeds een verrassing. Opgelucht deed ik nog meer m’n best op het werkje, want nu maakte ik het voor papa!

Mijn man en ik ontvingen de zegen van het huwelijk met de trouwtekst: ‘Hij zal u in al de waarheid leiden’ (Joh. 16: 13m). Een belofte waarvan we de betekenis later gingen verstaan. Vaderdag vierden we nog steeds. Tot mijn schoonvader overleed en acht jaar later mijn vader. Onze kinderen waren zeer gewenst. We hebben ze verwacht. We hebben ze vernoemd. Maar ze zijn nooit geboren. Het werd geen vaderdag in onze woning. En hoe is het in die huizen waar een (soms jonge) vader overleed? Of het leven alleen geleefd wordt? Vaderdag, maar hoe?

In het tiende jaar van ons huwelijk leidde de Heilige Geest mij in deze waarheid: Adamskind die de dood verdient en een terecht vertoornde Vader. Door genade leidde Hij verder, gaf zicht op de Weg, openbaarde de Waarheid en schonk het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij, zegt Christus. Toen mocht ik zeggen: Abba, Vader!

Twee jaar na het overlijden van mijn vader, kreeg ik borstkanker. Ik was bezig met een opleiding, passend bij een andere functie op het werk. Nu kwam ik thuis te zitten, geen energie meer om te werken en te leren. Wat had dit ons te zeggen? Was het een straf van God? Of een oefening in vertrouwen op Hem? Of waren we te veel zelf aan het werk?

Ik zocht zondag 10 van de Heidelbergse Catechismus erbij, de vraag naar Gods voorzienigheid: de almachtige en alomtegenwoordige kracht van God waardoor Hij hemel en aarde, met alle schepselen, gelijk als met Zijn hand nog onderhoudt, en zo regeert dat … gezondheid en krankheid … niet bij geval maar van Zijn Vaderlijke hand ons toekomen.

Wat een majesteit spreekt er uit die eerste zin, dat is onze God! Toen viel het licht op het woord ‘Vaderlijke’. De ontdekking dat deze ziekte uit Zijn Vaderhand en Vaderhart komt, daar kwam een oneindige liefde in mee. En dat voor een zondig mensenkind. Het is goed Heere, wat U doet. Zijn almachtige en alomtegenwoordige kracht heeft de ziekte in mijn lichaam verdrongen. Hij onderhoudt en regeert mij nog op aarde. Maar eens komt het moment dat we Hem zullen zien van Aangezicht tot aangezicht: de Vader, Die Alles zal zijn in allen.

Drie-enige God, dank U dat het elke dag Vaderdag is, en tot in eeuwigheid.

Trudy de Haan