Vandaag heb ik hem weer zo gemist, mijn lieve Wim. In alle vezels van m’n lichaam, maar ook in de praktische, tastbare dingen. De auto was zo vies… iedere keer zag of voelde ik haast zijn afkeurende blik dat ik hem ‘nog steeds’ niet schoon gemaakt had en uitgezogen (hij deed het iedere week minstens 1 keer). Het onkruid tussen de straatstenen kwam her en der omhoog en al die sprietjes leken me uit te lachen en tegen me te zeggen dat ze het van me gewonnen hadden (bij Wim kregen ze geen kans). De grond in de tuin was zo plat geregend dat ik langslopende mensen bijna hoorde denken dat het er voorheen niet zo bij zou liggen (Wim schoffelde bijna elke dag). Vandaag kom ik er voor de zoveelste keer achter dat ik alleen niet kan, wat we samen konden.

Wat voel ik me vandaag ontredderd zonder Wim! Nee, niet dat dit direct aan me te zien of te merken is. Ook hoor je me dat zelden hardop zeggen. Uiterlijk ga ik m’n gang en doe ik m’n ding. M’n dagtaak bestaat grotendeels uit zorgen voor ons lieve meisje. Na 31 mei 2020 is er alweer zoveel gebeurd, juist ook met haar. Ze kreeg onlangs de diagnose diabetes type 1. Wat is het me zwaar gevallen, dat ik dit zo alleen moest doormaken en niet met Wim kon delen.
Vandaag schrik ik ervoor terug om te voelen hoe het voelt dat Wim z’n plaats echt leeg is en leeg zal blijven. Alle dagen die ooit vandaag hebben geheten, is zijn afwezigheid zo tastbaar aanwezig. Vandaag besef ik voor de zoveelste keer, dat het gemis alleen maar groter wordt.

Vandaag vroeg mijn meisje nog aan me: mama, waarom huilt u niet? Ik zei, mama huilt wel, maar je ziet het alleen niet. Ze vond dit moeilijk, want ze wilde me zó graag troosten en dat kon in haar beleving alleen als ik huilde. Ze snikte tegen m’n schouder: kon ik uw verdriet maar wegnemen. Wat heeft dat kind ook een zwaar pak te dragen. En wat is het moeilijk om haar daar op een goede manier in te begeleiden.

Vandaag zijn we toch ook weer dankbaar voor de dingen die ik in ieder geval vandaag mocht doen, het uitzuigen van de auto, het onkruid trekken, het schoffelen van de tuin, het eten koken, de wandeling. Vandaag ben ik ook dankbaar voor de momenten die we samen met Anthonette hebben gehad, voor het samen dragen en delen van ons verdriet. Vandaag ben ik dankbaar voor het schijnen van de zon en het vallen van de regen.

Vandaag is alles een beetje moeilijker, hoe zal het morgen zijn? God weet het. Als we alles in Zijn hand mogen leggen, wat zou ons pak dan een stuk lichter zijn. Te mogen weten dat alles wat God doet, goed is en Hij dit niet doet om ons te plagen, maar juist opdat we ons naar Hem toe zouden wenden. Daar wil ik vandaag mee besluiten.

Lenie Klop-de Pater

Op Contactdag Voorjaar 2021, zaterdag 3 juli 2021 in de Bethlehemkerk te Woerden, hield ds. A.J. de Waard zijn lezing met als thema ‘Biddend verwachten… verwachtend bidden’ met als uitgangspunt Psalm 130.

Waard | Gergeminfo

Ds. A.J. de Waard, die uit persoonlijk en pastoraal ondervinding weet wat (mee)lijden als (gezins)lid is, trok daarbij lijnen naar het verleden waarin onze voorvaders hun zicht op bidden doorgeven, ook in het lijden.

Het volgende gedicht (dichter onbekend) deelde ds. A.J. de Waard in zijn lezing met ons:

Aan de helling des bergs in een eenzame hut
zat een herder omringd door zijn schapen
op een leger van stro, vlak naast hem,
lag een lam, dat verwond scheen, te slapen.

Is het schaapje daar krank vroeg een bedelaar,
die zijn hoofd om de deur had gestoken,
ach nee sprak de herder, en streelde het zacht
er is één van zijn pootjes gebroken.

Och arme hoe jammer hoe is dat gekomen,
vroeg de vreemd’ling met droeve ogen,
‘k heb het zelve gedaan sprak de herder,
ik mocht zijn onwil niet langer gedogen.

‘k Heb dagen en maanden, geduldig getracht,
dit schaapje met liefde te leiden.
Ik gaf het het beste, en voerde het zacht
langs koele en grazige weiden.

maar luisteren wilde het nimmer, ach nee,
naar mij niet, en ook niet naar mijn honden,
steeds ging het zijn weg, soms heel hoog in ’t gebergte
bij een afgrond heb ik ’t vaak gevonden.

‘k Heb het eenmaal gered uit des adelaars klauw,
het bleef in een doornenhaag steken,
maar ’t ergste was nog, anderen volgden zijn spoor,
dat is Mij dikwijls gebleken

‘k Ben Herder reeds lang en er was maar één weg,
’t voor groter gevaar te bewaren,
toen brak ik zijn pootje (het heelt spoedig weer)
‘k had het schaapje die pijn willen besparen.

Eerst was het verwoed en het schopte en beet,
van voedsel wou het ook niet weten,
Ik verbond zacht zijn pootje en droef ging ik heen,
maar ’t schaapje kon ik niet vergeten.

Toen ik weer kwam, toen keek het deemoedig mij aan,
en likte mijn handen zo blijde,
en sinds dat, geeft het acht op de klank van mijn stem
en wijkt niet meer van mijn zijde.

’t Is beter haast weer, en zo straks gaat het mee,
maar ‘k blijf nog zijn pootje verbinden,
in mijn kudde dat weet ik, is nergens voortaan,
een gehoorzamer schaapje te vinden.

Goedenacht zei de vreemd’ling en wendde zijn schreden
om verder zijn weg te vervolgen
‘zou de Hemelse Herder niet, zo vroeg hij zich af,
soms ook met Zijn schaapen zo handelen?

‘Als het water je tot aan de lippen staat, neem dan een taartje’. Deze geweldige zin las ik onlangs in het boek ‘De jongen, de mol, de vos en het paard’ (zeker een aanrader). Deze zin deed me denken aan wat een vriend van mijn ouders ooit zei.

Het was in een spannende week waarin we de uitslag zouden krijgen van de scan, die mama kort daarvoor had gehad. Wat hij zei was het volgende: ‘Wat de uitslag ook wordt, zorg dat er taart in huis is. Ook al is de uitslag slecht, ga ook (of vooral) dan even met jullie hele gezin een taartje eten.’ Hij bedoelde dit om aan te geven dat je op mooie en moeilijke momenten met elkaar moet gaan zitten, elkaar in de ogen moet kijken en met elkaar moet praten. Juist als de uitslag die volgt moeilijk is, is het goed om dat te doen. En naast dat taart ook gewoon lekker is, mag zo’n taartje ook symbool staan voor ‘we gaan niet bij de pakken neerzitten, we gaan (met Gods hulp) door!’

Terug naar de uitslag die mijn moeder zou krijgen. Ik weet nog precies dat ik binnenkwam in de kamer. Mama vertelde dat gebeld was en dat de uitslag niet goed was. Ze zou bestralingen moeten ondergaan. En nadat mij dat verteld was, gingen we wat drinken. Mét taart, want als het water je tot aan de lippen staat, dan moet je een taartje nemen. Even een moment van rust met ons hele gezin, voordat er een onrustige tijd zou aanbreken.

Gelukkig leeft mijn moeder nog steeds en hebben de bestralingen het werk gedaan, wat ze zouden moeten doen. Maar het blijft elk halfjaar, als mama weer een scan moet ondergaan, weer spannend. Eén ding is in ieder geval wel elk half jaar hetzelfde. Bij ons staat op de dag van de scan taart op tafel.

Nunspeet, 30 juni 2021
Thirza van Engelen

Thema

“Biddend verwachten… Verwachtend bidden”

Het uitgangspunt voor de overdenking van het thema is Psalm 130

Voor wie?
De contactdag is bedoeld voor u of jij ongeacht leeftijd die, met of hersteld van kanker, troost en steun zoekt in Gods Woord bij deze ernstige ziekte en zijn ingrijpende gevolgen. Ook uw/jouw echtgeno(o)t(e), ouders, kinderen, familie, vriend(in) zijn van harte welkom! Daarnaast een uitnodiging voor hen die door kanker een lege plaats in hun midden hebben. Maar ook degene die zich op welke wijze dan ook bij kanker betrokken weet, zoals ambtsdragers en pastoraal werkers.

Wanneer:
D.V. zaterdag 3 juli 2021. Aanvang contactdag is om 10:15 uur (inloop met koffie/thee vanaf 10:00 uur).

Waar:
In één van de zalen in de “Bethlehemkerk”, Oudelandseweg 50, 3443 AC in Woerden.

Spreker:
Ds. A. J. de Waard, predikant Gereformeerde Gemeente op Urk en pastoraal contactpersoon verbonden aan de stichting, weet uit eigen ondervinding en het pastoraat van nabij wat de ernstige ziekte kanker betekend.

Het is nog niet bekend hoeveel personen kan deelnemen!

Het bestuur hoopt dat, met in achtneming van de richtlijnen in de noodverordening COVID-19, de contactdag met de gebruikelijke lunch kan doorgaan. Daar zien wij, met ongetwijfeld velen van jullie, naar uit!

Het toelaten tot maximaal aantal (als dat bekend is) deelnemers gebeurd op basis van de binnenkomst van de opgaven. Overschrijdt uw opgave het maximaal aantal personen dan krijgt u van ons het bericht dat deelname helaas niet meer mogelijk is en wordt u op de ‘reservelijst’ gezet.

Heeft u zich opgegeven en bent u onvoorzien, door symptomen COVID-19 of positieve testuitslag bij uzelf of huisgenoten, verhinderd? Wilt u dat ons zo snel mogelijk laten weten, zodat wij anderen die niet meer konden deelnemen kunnen toelaten.

Kosten (incl. lunch):
Aan deelname zijn voor u geen kosten verbonden. De collecte tijdens de bijeenkomst, waar naar draagkracht tot nut van de stichting gegeven kan worden, komt deze keer te vervallen. De bijdrage die u of jou wilt geven, ook als u niet kan deelnemen, kunt u overmaken op: NL63 RABO 0157584151 t.n.v. Stichting Winstuitverlies o.v.v. ‘Contactdag Voorjaar 2021’

    Uw voornaam/letters*

    Tussenvoegels

    Uw achternaam*

    Uw e-mail*

    Wilt u de nieuwsberichten op de mail ontvangen? Meldt u aan door op deze link te klinken!

    Uw woonplaats*

    Uw telefoonnummer*

    Aantal personen*

    De namen van de personen die meekomen

    Lunchen mee

    Hoe werd u geattendeerd op de contactdag? (om toekomstgericht te bepalen welke wijze van communiceren effectief is)

    Opmerkingen (bijv. een dieet om bij de lunch rekening mee te houden)

    * = verplicht veld

    Jaarrekening_2020_WinstuitVerlies-2.0

    Pijn hebben, verdriet voelen: het maakt je onzeker. Hoe kan je dan snakken naar een blijk van meeleven. Geen mogelijke verklaring of oplossing om eruit te komen, maar erkenning voor hoe jij het beleeft.

    De knobbel in mijn lies was duidelijk voelbaar. Tenminste, als je wist hoe je moest voelen. En dat wist ik, m’n internist (nog) niet. Zoals hij het dan ook beoordeelde, was het niet iets bijzonders. Het was niet opnieuw kanker. De pijn die ik had, met als gevolg onzekerheid, kon hij echter maar even wegnemen. Een paar uur na het bezoek aan hem was mijn overtuiging er weer. De knobbel, de pijn die het gaf, was wel ernstig. Een klein halfjaar later moest mijn internist, op grond van vervolg onderzoek na mijn aandringen, erkennen: opnieuw heb je kanker.

    Aanhoudende ernstige vermoeidheid na de behandelingen voor kanker brak mijn kracht. Rusten, fysiotherapie of wat dan ook gaf geen verbetering van mijn conditie. Goed bedoelde adviezen, ook van professionals, maakten mij mismoedig. Zelf begreep ik het ook niet. Ik vond het moeilijk te erkennen dat het niet lukte. Bedrijfsartsen, internisten en leidinggevenden, niemand kon mij erkenning geven. Feitelijk was het alleen aan de gevolgen meetbaar, maar bleef de oorzaak onduidelijk. Uiteindelijk kostte het mij meerdere keren mijn baan. Juist bij ‘christelijke’ werkgevers vond ik geen barmhartigheid en/of erkenning van het gebroken zijn in mijn kracht. De uiteindelijke genoegdoening in vorm krijgen van ‘financieel waar je recht op hebt’ gaf geen voldoening. Hoe anders bij mijn eerste ‘onchristelijke’ werkgever, daar waar ik werkte toen ik 1e keer kanker kreeg. Zij namen mij opnieuw in dienst terwijl zij wisten, wisten dat ik ‘gebroken in mijn kracht was gebleven’.

    Erkenning is meer dan erkent worden in jouw eigen vermoeden of gelijk. Erkend worden in wie je bent (geworden) en de weg die jij hebt afgelegd in lijden of meelijden in overlijden van je geliefde. Erkenning geven is erkenning ontvangen. Zonder oordeel in dialoog gaan, erkenning geven in waar de ander staat en woorden geven aan iemands lijden. Omdat jij hem of haar in het leven verstaat.

    Hoe kon Jezus de ander erkenning geven in wat de ander van harte bezig hield. ‘Meester, waar woont u?’ vroegen de eerste discipelen. ‘Kom en zie’, antwoordde Jezus. Jezus zat ook aan de maaltijd in het tolhuis van Levi, en ook vele tollenaren en zondaren. Gemeenschap met en erkenning van de mens in zijn nood. ‘Geef Mij te drinken’, vroeg Jezus de samaritaanse vrouw bij de waterput. Gemeenschap, hoewel Hij een Jood was, in de erkenning dat zij Hem water kan geven. Daarop ontving zij zoveel meer van Jezus: levend water en de Geest die van Hem uitgaat.

    Erkennen van elkaar door in dialoog te gaan. Niet door te delen wat wij menen (Ik en het – Martin Buber), maar in de relatie te staan (Ik en Gij). Hoe groot het lijden ook is en blijft. Dan alleen ontmoeten wij elkaar, echt!

    Henk-Jan Koetsier

    Beleidsnotitie_Stichting_Winstuitverlies_doorlopend

    In het ziekteproces van mijn man, hebben we ons dochtertje van 6 jaar altijd direct verteld wat we zelf ook wisten. Hoe hartverscheurend om eerst in de spreekkamer van de arts de boodschap te horen te krijgen dat er een uitgezaaide tumor gezien is en dat de arts zich grote zorgen maakt, dat moment vergeet ik nooit. Alles had ik wel willen geven om mijn lieve man te bevrijden van deze verschrikkelijke boodschap. Ik keek naar hem en sloeg mijn arm om hem heen. Wat voelde ik een hevige pijn van binnen.

    Als in een droom zijn we het ziekenhuis uitgegaan. Op weg naar huis. Daar wacht ons lieve meisje in spanning op onze thuiskomst. Het ligt op mijn schouders om in rustige, kalme en zoveel mogelijk kinderlijke taal uit te leggen wat de dokter heeft gezegd. De uitdrukking in haar ogen… wat had ik dit mijn kind graag willen besparen. Maar de Heere kan alles hè mam. Hij kan papa beter maken. Kinderlijk vertrouwen…

    De berichten worden iedere keer slechter en toch dat vertrouwen. Dan op een dag wordt er heel duidelijk gezegd dat er geen enkele hoop of verwachting meer is. We verlaten voor de laatste keer samen het ziekenhuis. Naar huis gestuurd om daar te wachten op het einde. Wat een teleurstelling bij ons meisje… ik heb er zoveel om gevraagd of papa beter mocht worden. Dan vat ze nieuwe moed: Mama, de Heere kan ook dode mensen opwekken. Dus als papa straks gestorven is, kan Hij hem weer levend maken…

    Mijn man zit erbij en hoort het gesprek zwijgend aan. We zitten met z’n drieën zo dicht bij elkaar en toch onmachtig elkaar te helpen. Alleen het gebed verbindt. Het is alles in Zijn raad besloten. We zullen dat nooit kunnen veranderen.

    Wat een slag als papa dan toch gaat sterven. Een en al verwarring… zo vaak de Heere gebeden en toch neemt Hij papa weg. Begrijpen kunnen we het nooit. Wat een voorrecht als we mogen aanvaarden dat Hij het nooit verkeerd doet. Op de dag na de begrafenis zitten we samen aan tafel, zegt ze: mam, we kunnen best samen verder hè, ik heb toch nog een Hemelse Vader. …

    Gij ziet het immers, want Gij aanschouwt de moeite en het verdriet, opdat men het in Uw hand geve; op U verlaat zich de arme Gij zijt geweest een Helper van de wees – Psalm 10 vers 14

    Lenie Klop-de Pater

    Weekdienst met aandacht voor Winst-uit-verlies, samen uitzien naar Troost!

    Deze weekdienst, belegt door de Hersteld Hervormde Gemeente van Ouderkerk a/d IJssel e.o., maakt opnieuw mogelijk nabij op afstand samen te komen rond Gods Woord bij kanker en verlies.

    De eerste weekdienst, belegd door en in een plaatselijke gemeente, voorzag in de behoefte om samen te zijn rond Gods Woord bij kanker. De kerkenraad van bovengenoemde gemeente was bereid op verzoek van Stichting Winstuitverlies een extra weekdienst te beleggen waarin ds. P.C. Hoek van Sommelsdijk voorging. In tekstkeuze en prediking in deze dienst werd aandacht gegeven aan ‘verlies van gezondheid en/of geliefde(n)’.

    De tekst als uitgangspunt voor de Woordverkondiging is Exodus 15 vers 25a:
    Hij dan riep tot den HEERE, en de HEERE wees hem een hout; dat wierp hij in dat water